'Er is behoefte aan een interactieve jongerenwerker'

27 maart 2016

maart-hanae2
Hanae Haddouche is jongerenwerker bij JoU. Ze doet o.a. schooljongerenwerk in Overvecht en is initiatiefnemer van de werkgroep Online Wereld voor jongerenwerkers. Drie keer per week is zij samen met andere JoU-collega's van 10.30-13.30 aanwezig op het Trajectum College. Op zoek naar een lokaal om het interview te doen, wordt ze door leerlingen joviaal begroet. 'Juf gaat u mijn foto op Facebook liken?'

Wat doet een schooljongerenwerker?
'Wij zijn hier op het Trajectum College in het kader van een veilig pedagogisch klimaat op school voor leerlingen. Jongerenwerkers dragen bij aan een prettige sfeer op school. Zij maken makkelijk contact met leerlingen, kunnen extra aandacht geven en signaleren als er vragen of problemen zijn. Als wij zien dat een jongere in de problemen komt dan bekijken we in samenwerking met de school, de mentor en de ouders hoe wij de leerling terug op het goede pad krijgen. We zijn daarom continu in gesprek met de jongeren. We lopen hier rond en hebben een eigen ruimte. Wij zijn op die manier laagdrempelig, makkelijk aanspreekbaar. Bovendien, wij zitten in een andere positie dan docenten: van ons moeten leerlingen niets; geen huiswerk maken, niet op tijd komen.'

Krijg je als jongerenwerker ook met de online wereld te maken?
'Ja. Daarom heb ik het initiatief genomen voor de werkgroep Online Wereld. Wij moeten als jongerenwerkers met de ontwikkeling en de behoeftes van de jongeren meegaan. Dit betekent dat wij ze tegenwoordig beter online kunnen bereiken dan op straat. Jongeren zijn actief op Instagram, Snapchat, Whatsapp, Facebook en Twitter. Ik vind het daarom belangrijk dat jongerenwerkers interactief zijn via sociale media. Zogenaamde interactieve jongerenwerkers. Jongerenwerkers die bijvoorbeeld op bepaalde tijden online bereikbaar zijn, via bijvoorbeeld Snapchat zodat leerlingen weten dat ze daar met een jongerenwerker kunnen chatten. Voor sommige jongeren is het immers gemakkelijker om vanuit hun kamer te praten dan face to face. Online contact biedt dan uitkomst.'

Dit lijkt mij een andere manier van werken dan wat jongerenwerkers gewend zijn?
'Ja. Sommige jongerenwerkers staan daarom ook wat huiverig om zich online te begeven. Ik weet niet waarom. Misschien dat ze voor hun privacy vrezen? Het vraagt ook aandacht als je als professional je op sociale media begeeft. Je wilt geen schade aan je organisatie brengen en je moet duidelijk onderscheid kunnen maken tussen je eigen mening, je privéleven en je professionele aanpak. Je ziet soms hele mooie teksten over een onderwerp en die zou ik dan eigenlijk op social media willen delen. Maar dat doe ik niet want je moet rekening houden met de uitstraling van je organisatie naar buiten toe. Daar moet je voor waken. Bij JoU zijn we met elkaar afspraken aan het maken hoe jongerenwerkers het beste online kunnen werken. Je hebt bijvoorbeeld met privacy te maken. De afdeling Communicatie is nu bezig met het opstellen van richtlijnen zodat de JoU-medewerkers op dezelfde manier met social media omgaat. Veel jongerenwerkers hebben nu met een JoU-adres per wijk een eigen Facebookaccount. Ik gebruik social media selectief. Facebook voor het contact met jongeren, Snapchat om af en toe mee te doen en je binding te laten zien met de jongeren en Twitter gebruik ik vooral zakelijk.'

Hoe gaan jongeren om met de online wereld?
'Er is een verschil tussen jongens en meisjes. Meiden zijn vooral bezig met beauty en de liefde terwijl jongens plaatjes posten van stoere scooters, het over geld en soms ook over geweld hebben. Wat de twee groepen gemeen hebben, is dat ze beide aandacht vragen. Zo kwam net nog een meisje naar mij toe. Ze had een foto gepost op Facebook en vroeg of ik de foto wilde liken. Dat is belangrijk voor haar.
Wat de jongeren ook gemeen hebben, is dat ze niet altijd de gevolgen overzien van bepaalde uitspraken die ze op social media doen of van pikante foto's of filmpjes die ze plaatsen. Zo is een meisje afgeperst vanwege zo'n foto. De school zit daar bovenop. Wij werken samen met de politie en Pretty Woman en lichten ouders in zo'n geval in. Het was een bijna wekelijks terugkerend verschijnsel. Maar doordat we voorlichting hebben gegeven samen met de politie en Pretty Woman is dit sterk afgenomen. We hebben ook een keer samen met Al Amal een busreis naar België georganiseerd voor moeder en dochters. Tijdens de busrit hebben we toen mediavoorlichting gegeven. Een meisje dat bijvoorbeeld een pikant fimpje maakt, maakt zich schuldig aan soft porno. En dat is strafbaar. Vaak hebben meisjes trouwens niet eens door dat ze zo'n pikante foto hebben gemaakt. Een meisje postte een foto van zichzelf in haar slaapkamer en die was nogal onthullend. Ik sprak haar erop aan. Ze had het niet zo bedoeld. Haar tante had zelfs gezegd dat het een leuke foto was! Jongens die er toevallig bijstonden zeiden dat ze de foto ook hadden gezien en dat ze die eigenlijk ook ver vonden gaan. Het meisje haalde de foto gelijk weg.'

Zijn er naar aanleiding van de aanslagen in Brussel op 22 maart 2016 nog opvallende teksten geplaatst?
'Je ziet dat jongeren verwijzen naar de vele doden die in Turkije en Palestina vallen door aanslagen. Waarom is de hele wereld in rouw bij de aanslagen in Parijs en Brussel, en zo veel minder bij die aanslagen, vragen sommige jongeren zich af. Er zijn ook teksten waarvan je denkt, is dat wel handig? We leven in een land met vrijheid van meningsuiting, maar ik zeg tegen zo iemand dat een dergelijke tekst later een reden kan zijn dat je bij een sollicitatie niet wordt aangenomen. Een onderwerp als dit, terrorisme, bespreek ik ook niet op social media. Je krijgt dan te heftige reacties. Ik heb tegen jongeren gezegd die bang waren dat moslims op deze aanslagen aangekeken zouden worden: "Laat je niet kennen. Wees trots op jezelf".'

Waarom is het nog meer belangrijk dat jongerenwerkers online actief zijn?
'Door social media kun je jongeren ook volgen en zie je welke meningen gedeeld worden. Je kunt zo preventief werken. Zo was er een meisje dat een seksueel getint plaatje via Instagram had gemaakt. Maar via Instagram komt het automatisch op Facebook. Dan kun je zo iemand daarop wijzen. Het is gewoon heel belangrijk om als jongerenwerker online actief te zijn, want de jongeren zijn dat ook. Dat is de toekomst. Wijs het niet af, maar begeleidt het.'


 




 

 

« terug