Het elan van 'ongezond' Overvecht

9 oktober 2016

oidw-corenvrouw
Vorig jaar was Overvecht in het nieuws als 'ongezondste wijk' van Nederland. Ouderen (55+) en mensen met psychische klachten blijken in deze wijk sterk vertegenwoordigd. Wijkraad Overvecht liet daarom onderzoek doen naar het 'gezondheidsbevorderend' aanbod voor deze twee groepen. Het onderzoek is op 22 september jl. in Overvecht gepresenteerd. Een bewoonster protesteert echter tegen de beeldvorming over haar wijk: 'Zo negatief deze benadering! Ik ervaar deze wijk als een heel gezonde wijk!'Ed Klute van Ouderen in de Wijk/Mira Media:'De bijeenkomst en het onderzoek laten zien dat OidW een belangrijke bijdrage kan leveren aan het realiseren van de aanbevelingen voor Overvecht.'

Zo vreemd is deze uitroep niet, want constateerde het Zilveren Kruis eerder: het gaat relatief goed in Overvecht gezien de samenstelling van de bevolking en het aantal inwoners met een laag inkomen. Ook directeur Volksgezondheid van de gemeente Utrecht en voormalig directeur GGD, Hetty Linden, die het onderzoek in ontvangst nam, plaatst haar kanttekeningen: 'Ik vond de berichtgeving ongenuanceerd. Waar licht je de schijnwerper op? [...] Je hoeft problemen niet te ontkennen om iets positief te benaderen. Dat is het elan van Overvecht, daar staan zo veel mensen achter!'

Onbekende activiteiten
Zowel professional als oudere buurtbewoners geven in het rapport adviezen over de 'gezondheidsbevordering' in Overvecht. Gezondheidsbevordering richt zich op het bevorderen en in standhouden van een gezonde leefstijl en een gezonde sociale, fysieke omgeving. Maar, uit het onderzoek blijkt dat bijna de helft van de 60 respondenten uit de Overvechtse zorg- en welzijnssector vindt dat het gezondheidsbevorderend aanbod onvoldoende aansluit bij de behoeftes van de doelgroepen. De andere helft vindt de aansluiting goed of redelijk.
Zowel professionals als ouderen vinden dat de zorg- en welzijnsactiviteiten onvoldoende bekend zijn. Om het bereik hiervan te vergroten is een betere communicatie nodig. Niet alleen online, omdat het bij veel ouderen ontbreekt aan computervaardigheden, maar ook via de traditionele kanalen. Beide groepen blijken bijvoorbeeld weinig op de hoogte van het aanbod van computercursussen voor 55-plussers in de wijk. De professionals in het onderzoek pleiten daarom voor een betere samenwerking tussen de organisaties waardoor de doelgroepen een meer samenhangend aanbod krijgen. Ouderen in de wijk wordt genoemd als project dat in die informatievoorziening een rol kan spelen.

Laaggeletterdheid
De zorg- en welzijnssector zouden verder de aanpak van laaggeletterdheid moeten faciliteren. Zeker omdat dit juist bij ouderen vaker voorkomt. Een huisarts vertelt: 'Ik moet in 10 minuten achter de gezondheidsvraag van iemand komen. Het gaat veelal om een verstrengeld probleem. Als iemand laaggeletterd is, kom ik daar op dat moment niet snel achter. Daar hebben we elkaar voor nodig, buurtteams, verzorgers.' Een welzijnswerker waarschuwt: 'Het is goed die aandacht voor laaggeletterdheid, maar laten we niet opnieuw het wiel willen uitvinden. Geen losse initiatieven, maar samenwerken!'

Interculturele competenties
Er is ook meer aandacht nodig voor de bewoners met een migranten achtergrond. Een discussie ontstaat onder de aanwezigen over de specifieke inzet van allochtone zorg- en welzijnswerkers als manier om migrantenouderen te bereiken. Soms kan het handig zijn, maar als de professional over interculturele competenties beschikt, werkt het contact ook. Bovendien willen welzijnswerkers met een migranten afkomst geen vertegenwoordiger zijn van alleen allochtonen maar van iedereen, aldus een Buurtteamlid. Ed Klute van Ouderen in de Wijk: 'Migranteninitiatieven en algemeen aanbod kunnen gelijkwaardig naast elkaar bestaan en onderling prima samenwerken.'

Ouderen zijn voor het rapport in twee interviewrondes bij het winkelcentrum naar hun behoeftes gevraagd. Ze noemden: goedkope gezelligheidsactiviteiten die goed bereikbaar zijn of waarvoor vervoer is geregeld; de informatievoorziening moet beter en de wensen van de ouderen moeten blijvend gemonitord. Ongevraagd bleken ze het vertrek van het ziekenhuis uit de wijk jammer te vinden.
oidw-ceesenhetty

Gemengde gevoelens
Het rapport werd overigens met gemengde gevoelens ontvangen door de aanwezige professionals en ouderen in het Dutch Health Tec Academy. De conclusies brengen niets nieuws is de kritiek. Overvecht is nota bene de eerste Utrechtse wijk waar zorgprofessionals met elkaar gingen samenwerken, memoreert een professional in de zaal. Had het geld en de tijd niet beter aan iets anders besteed kunnen worden, vraagt verpleegkundige Karin zich af? Cor Kirchner (78) zit in de bewonersraad van een seniorencomplex in Overvecht. Samen met zijn vrouw woont hij bijna 50 jaar in Overvecht. Met veel plezier, benadrukt hij, een van de redenen waarom volgens hem zoveel senioren in Overvecht blijven wonen. Ook hij heeft niets nieuws gelezen in het rapport. Silvia Bunt van het onderzoeksbureau Labyrinth reageert: 'Onderzoek werkt beter als je met adviezen naar de gemeente toe wilt gaan. Je kunt namens professionals spreken en dat werkt beter dan individueel iets te moeten aanpakken.' Want dat is wel het doel van de wijkraad. De aanbevelingen uit dit rapport en gedaan tijdens deze bijeenkomst gaan naar de gemeente. Een financiële paragraaf hoort daarbij stelt Wijkraad Overvecht de bezoekers gerust.

Het eigen risico
Aan de basis van de aanbevelingen staat eigenlijk het besef dat een meer outreachende aanpak nodig is. Dit houdt in: de ouderen thuis bezoeken zoals U Centraal in samenwerking met Samen Overvecht doet, het bezoeken van plekken waar ouderen komen. Dit zodat professionals kwetsbare inwoners beter kunnen bereiken en zorgmijding voorkomen kan worden.
Zorgprofessional Gülsen uit de wijk Lunetten wijst erop dat gezondheid samenhangt met inkomen. 'Het eigen risico bijvoorbeeld gaat ieder jaar omhoog. Dit is voor veel ouderen een probleem. Ze gaan niet naar de dokter. Zorgmijding heeft met meer te maken dan alleen met laaggeletterdheid, psyche of etnische afkomst. De gemeente zou meer hieraan moeten doen.' Huisarts Jacqueline: 'Als je armoe lijdt, voel je dat ook in je lijf. Er moet een verbinding gemaakt worden tussen zorg en welzijn. Dat is een bestuurlijke uitdaging.'

Tot slot wil iemand een lans breken voor 'het ouderwetse welzijnswerk' dat door de transitie in gedrang is gekomen: 'De betrokkenheid van beroepskrachten bestaat nu uit veel meer los zand vanwege de transitie. De sociale werker is veel kwijtgeraakt. Het ouderwetse handwerk als bindende factor moet terug!'

 

« terug