Nederlands zorgstelsel werkt nadelig voor oudere migranten

10 oktober 2017

turkseouderenIn Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht zal het aantal 65-plussers met een migratie achtergrond in de komende twintig jaar bijna verdrievoudigen. Van 41.800 in 2015 tot 138.400 in 2040 volgens G4-onderzoek. Roelof Schellingerhout van KBA Nijmegen zette voor NOOM een aantal cijfers bijelkaar. Er bestaan grote gezondheidsverschillen tussen migranten ouderen en Nederlandse leeftijdgenoten. Marokkaanse en Turkse ouderen ervaren veel minder regie over hun eigen leven. Verder maken de taalachterstand en de lage inkomenspositie de migranten ouderen meer kwetsbaar.

Roelof Schellingerhout: 'Er wordt al lang gesproken dat de migranten ouderen eraan komen. Nu gaat deze ontwikkeling pas rollen. Dit wordt vooral in de grote steden zichtbaar, mede omdat ze in bepaalde wijken wonen. Omdat er meer aandacht uitgaat naar "de wijk", komen ook deze ouderen meer in het vizier.' Schellingerhout gaf tijdens de viering van 10 jaar NOOM (Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten) een presentatie over de positie van migranten ouderen in Nederland.
Oudere migranten zijn cijfermatig niet altijd goed in beeld. Het laatste landelijke onderzoek naar deze groep dateert uit 2003. In 2015 brachten de vier grote steden echter 'Gezondheid van oudere migranten in de vier grote steden' uit. Het onderzoek is gebaseerd op grootschalig algemene GGD-enquêtes uit 2012. Schellingerhout nam als vertrekpunt voor zijn presentatie deze cijfers en SCP- en CBS-cijfers. 'De uitkomsten laten vooral bij Turkse en Marokkaanse ouderen een slechte gezondheid zien.'

Marokkaanse, Turkse en Surinaamse 65-plussers* kampen meer dan Nederlandse ouderen met chronische ziekten. De top drie naar etniciteit zijn: hoge bloeddruk (54% bij de Surinaamse ouderen), suikerziekte (53% bij Marokkaanse ouderen) en aandoeningen van het bewegingsapparaat (51% bij Turkse ouderen). De Turkse ouderen scoren ook het hoogst wanneer het gaat om hart- en vaatziekten (24%) en astma of COPD (20%).

Eerder ongezond
Een ander belangrijk verschil met Nederlandse ouderen is dat de gezondheid van vooral Turkse en Marokkaanse ouderen, al verslechtert vanaf 55 jaar, vertelt Schellingerhout. 'Dit heeft vooral te maken met aandoeningen in hun bewegingsapparaat, de mobiliteit.' Marokkaanse, Turkse en Surinaamse ouderen bewegen daardoor wellicht onvoldoende. Vooral Turkse ouderen zijn onvoldoende fit laten de GGD-cijfers zien
Wanneer het gaat om leefgewoonten heeft de helft van de Turkse 65-plussers te maken met overgewicht, terwijl dat voor 20% van de Surinamers, 17% van de Nederlanders en 15% van de Marokkanen geldt. De migranten ouderen hebben daarentegen amper een alcoholprobleem.
Bijna alle migranten ouderen hebben contact gehad met de huisarts in het jaar voorafgaand aan het GGD-onderzoek. Het percentage is met 96% het hoogst onder Turkse ouderen, gevolgd door de Marokkanen (94%) en de Surinamers (90%). Bij Nederlanders ligt dit percentage op 84. Maar de vraag is of de eerste generatie wel goed hun klachten bij de huisarts kan verwoorden. 'De eerste generatie spreekt slecht Nederlands waardoor zij zichzelf niet zelfstandig kunnen redden. Als ze naar een huisarts gaan, vormt dit een probleem.'

Nieuw zorgstelsel
De taalachterstand zorgt überhaupt dat ze moeilijk aansluiting vinden bij de Nederlandse voorzieningen, zegt Schellingerhout. 'Zeker nu het Nederlandse zorgstelsel is veranderd. De participatiesamenleving vraagt bovendien dat ze eerst zelf hun eigen weg moeten vinden of een beroep op hun omgeving doen en dat ze dan pas bij de instellingen aankloppen. Mensen moeten het zelf redden en eigen regie voeren. De weg naar de voorzieningen is veranderd. Voor migranten ouderen is dit proces heel lastig. Zij kennen die wegen veel minder.'
Weinig informatie is specifiek gericht op deze groep ouderen, ziet Schellingerhout. Geschreven informatie bereikt deze groep weinig, maar mondelinge informatie bereikt deze groep ook niet altijd. Hoe kunnen migranten ouderen dan wel bereikt worden? 'Dat is lastig. Misschien via hun kinderen die wel Nederlands spreken. Zij zijn beter op de hoogte hoe je voorzieningen kunt aanvragen. Dit vraagt een actievere aanpak. Met alleen een folder kom je er niet.'

Laag inkomen
Naast fysieke gezondheidsproblemen kampen migranten ouderen ook met meer 17okt-kwetsbaarheidpsychosociale problemen dan autochtone ouderen: zij voelen zich vaker eenzaam, sociaal uitgesloten en/of gediscrimineerd. Eenzaamheid komt het vaakst voor onder de Turkse senioren. Ze zijn met 62% het vaakst emotioneel eenzaam, gevolgd door Marokkanen (55%) en Surinamers (42%). Het percentage sociaal eenzamen bij niet-westerse ouderen is hoger (variërend van 56% tot 58%) dan onder Nederlandse ouderen (35%). Respectievelijk vier op de tien Marokkaanse en één op de drie Turkse ouderen ervaren weinig regie over het eigen leven. Dit speelt voor één op de zes Nederlandse ouderen.

Behalve door hun gezondheid en taalachterstand zijn migranten ouderen ook kwetsbaar vanwege hun lage inkomens- en sociaal-economische positie, zegt Schellingerhout. 'Die positie is slechter dan bij autochtone ouderen. Ze hebben een onvolledige AOW-opbouw omdat ze op latere leeftijd in Nederland zijn komen wonen. Ze hebben bijstand of een aanvullende uitkering. Dit lage inkomensniveau zorgt dat armoede veel onder deze groep voorkomt.'

Bereiken migranten ouderen
De groep migranten ouderen wordt dus de komende jaren groter. De vraag is of de tweede generatie migranten ouderen even kwetsbaar zullen zijn als de eerste generatie. Immers de toekomstige ouderen zijn opgegroeid in Nederland en zijn meer op de hoogte van de Nederlandse voorzieningen. 'Mogelijk blijft de inkomenspositie en de gezondheid punten van zorg. De groep migranten oudere zal in de nabije toekomst in omvang toenemen zowel relatief als absoluut gezien. De grijze druk neemt toe.'

Oudere migranten vormen een groep die moeilijk te bereiken zijn, dat maakt het moeilijker om wat voor ze te doen. Maar in de grote steden komen ze steeds meer in het vizier van beleidsmakers, ziet Schellingerhout. Zijn aanbeveling om ouderen te bereiken: 'De activiteiten zouden zich meer kunnen richten op het vertellen en delen van verhalen om via deze omweg de ouderen voor te lichten. NOOM hamert op het verbeteren van de randvoorwaarden. Om die te verbeteren is meer geld nodig voor migranten ouderen. Deze ouderen maken minder gebruik van de regelingen omdat ze het lastig vinden om die aan te vragen. Er zou bijvoorbeeld hulp kunnen komen voor deze groep om hen te helpen bij het aanvragen van voorzieningen en uitkering.'

* In het GGD-onderzoek konden Antillianen niet apart onderscheiden worden, zij horen naast de Turken, Marokkanen en Surinamers tot de klassieke migrantengroepen.
Foto - Aedes/Actiz Kenniscentrum Wonen-Zorg

 

 

« terug