VERSLAG CONFERENTIE 22 JUNI 2012

Melissa Valk

INTRODUCTIE
 

Op zoek naar nieuwe verbindingen in de wijk
Veertig jaar geleden zorgde de kerk voor de sociale cohesie in de wijk. Vandaag de dag zijn we op zoek naar nieuwe manieren om verbindingen in de wijk tot stand te brengen. Hiermee opent Peter de Haan van Vrede voor Utrecht de nationale Media4Me conferentie in Utrecht op vrijdag 22 juni. Waarbij de vraag centraal staat: ’Is de inzet van media in multiculturele wijken een hype of een waardevolle aanvulling?’. Ruim 175 mensen hebben zich aangemeld voor de bijeenkomst. Een divers publiek, van beleidsmakers, professionals op het gebied van wijkmedia, docenten, tot burgers die zelf hebben gezorgd voor een grotere sociale cohesie in de wijk door de inzet van media.

Wat brengt de mensen naar Utrecht? Marlies Koorndijk, coach en werkzaam bij een Surinaamse radiozender in Rotterdam: ‘Ik ben hier vandaag om ideeën op te doen, en om te kijken hoe er elders met media wordt omgegaan. Bij projecten benader ik ook meer wijkmedia in plaats van me alleen te richten op mijn eigen Surinaamse doelgroep’. Ook staat de dag in het teken van netwerken, kennismaken met medeprofessionals. Of het zoeken naar stageplekken voor studenten. 

De presentaties en de maar liefst vijftien workshops brengen een schat aan informatie met zich mee. Vragen worden beantwoord als: ‘Hoe zorg ik ervoor dat mijn wijk meer realistisch in beeld komt?’, of ‘Hoe organiseer je de inzet van media in de wijk?’en ‘Hoe kun je de interculturele mediacompetenties en vaardigheden verbeteren van wijkprofessionals en vrijwilligers?’. 
 

INLEIDINGEN IN HET OCHTENDPROGRAMMA

Dialoog en burgeractivatie
Voordat er wordt ingegaan op de specifieke cases en vraagstukken komen tijdens de opening Peter de Haan van Vrede van Utrecht 2013 en Jose Manshanden van de DMO van Utrecht aan het woord.

Peter de Haan vertelt hoe het project Vrede van Utrecht 2013 de Utrechtenaar activeert. De Vrede van Utrecht werd in 1713 gesloten en was de eerste wereldvrede op basis van dialoog en diplomatie. Die dialoog wil de gemeente Utrecht in 2013 vieren en ook inzetten voor de cohesie in de stad. ‘We willen meer Utrechters laten meedoen, in de buurt en het onderwijs’. Op 11 april starten de culturele festiviteiten, de datum waarop de Vrede van Utrecht werd ondertekend. De festiviteiten eindigen op 21 september, de dag van de Vrede. Het culturele festijn is niet alleen in het centrum, maar vindt juist plaats in de wijken. Zo raakt iedere burger van de stad bij het initiatief betrokken.  

Dat initiatieven in wijken zelf van belang zijn om de burger te activeren, onderstreept Jose Manshanden, directeur van DMO in Utrecht. Tegelijkertijd is zij kritisch ten aanzien van de rol van de lokale overheid. De burger moet volgens haar meer centraal staan. ‘We moeten de burger meer laten spreken en stimuleren. Van oudsher zijn initiatieven te veel overheidsgericht.’ Media kunnen volgens Manshanden een belangrijke rol spelen in het ‘zacht’ benaderen en activeren van de burger. In de cultuuromslag dat mensen niet meer worden ‘doodgeknuffeld’ door de overheid, maar dat zij zelf opstaan binnen de wijk en de stad. 

Het succes van Media4Me
Door deze twee inspirerende toespraken is de brug gelegd naar het project Media4Me. Ed Klute, directeur van Mira Media zoomt verder in op de resultaten van het project. Media4Me ging in 2010 van start, en heeft als doelstelling het bevorderen van interculturele dialoog, sociale cohesie en burgerschap door samenhangende inzet van sociale media en ICT-tools in de wijk.   

Ook Klute geeft aan dat de stem van de burger centraal moet staan bij wijkinitiatieven. ‘In de wijk is veel expertise aanwezig’, dat is iets wat weleens over het hoofd wordt gezien. Maar wil je die expertise effectief en efficiënt inzetten, is het van belang goed doordacht te werk te gaan. Daarbij moet niemand vergeten worden. Deelnemers aan de projecten moeten een afspiegeling zijn van de wijk. Om een dwarsdoorsnede van de wijk te maken, heeft Media4Me speciale analyse methodieken ontwikkeld. Van daaruit kan men verder bouwen aan een wijksucces. 

Dat Media4Me niet alleen een Utrechts of een Nederlands feestje is, blijkt uit de deelnemerslijst van Europese steden die Klute opsomt. De door Media4Me ontwikkelde methodieken worden breed ingezet. In Bologna, Boekarest, Brussel en Groot Brittannië zijn er verschillende projecten met partners.  

Media4Me in Utrecht Overvecht en Amsterdam Nieuw West
Toch blijven we dichtbij huis en worden de twee geslaagde pilotprojecten in Utrecht Overvecht en Amsterdam Nieuw West aangehaald. Deze wijken laten zich kenmerken door een hoog percentage mensen met een niet Nederlandse achtergrond, een hoog aantal jongeren onder de 30 jaar. Met tegelijkertijd een hoog percentage schooluitval en werkelozen. Bovenal hebben de wijken te maken met een negatief imago. Uitdagingen alom. In deze wijken zijn verschillende burgeractivatie-activiteiten ontwikkeld met behulp van media. In Overvecht is een Social Media Café opgezet in buurthuis Stefanus, en een social media workshop gegeven aan  buurtbewoners. Ook zijn er ronde Ronde-tafelgesprekken gevoerd in het kader van ‘Allochtone ouders en de digitale generatiekloof’. In Amsterdam Nieuw West zijn onder andere een radio-programma opgezet en een media participatie en educatie project voor jongeren. Jong en oud hebben deelgenomen aan de projecten.   

Het belangrijkste leerpunt van de pilotprojecten is dat duurzaamheid van de initiatieven belangrijk is, zodat het geheel voortgezet kan worden in de toekomst. Daarbij is de betrokkenheid van bestaande organisaties bij de initiatieven van belang. Wijkprofessionals zijn opgeleid tot media experts. Want wat media kunnen is niet voor iedereen helder. En juist die kennis is van belang. ‘Media kosten bijna geen geld meer, maar de mindset is van belang’, ofwel de wetenschap hoe je deze als professional kunt inzetten voor en samen met de buurtbewoner. Zo creëer je draagvlak en duurzaamheid.
 

VERSLAG OCHTENDSESSIES


Een eenduidig beeld is niet altijd realistisch
De ochtendworkshops brengen een variëteit aan onderwerpen aan bod. Wat vooral duidelijk wordt, is dat een eenduidig beeld van bijvoorbeeld de wijk of een doelgroep als allochtonen niet een realistisch beeld hoeft te zijn. Binnen een noemer is er eveneens sprake van diversiteit.  

Zo zijn niet alle allochtone ouders digibeet en zijn ouders soms veel meer met media bezig dan men denkt. Door het gebruik van internet bankieren, of  het hebben van kennis van systemen om tickets te boeken en het volgen van nieuws in de landen van herkomst. Daarbij ziet een groep allochtone ouders het belang van het gebruik van media zeer zeker in. Tijdens het tonen van verschillende interviewfragmenten staat een uitspraak van een ouder ‘Internet is als flesvoeding, je kan niet zonder’.

Tegelijkertijd is niet iedere ouder van niet Nederlandse afkomst even mediawijs. Maar een specifiek aanbod voor de ouders om wel digitale vaardigheden bij te brengen ontbreekt. Daarom is hiervoor een speciaal traject met ronde tafelgesprekken opgestart. Deze brachten interessante insights aan het licht, waarmee verder gewerkt kan worden.  

Binnen 5minuten heb je een pistool op je kop in de Schilderswijk
‘Hoe ga je om met dat negatieve beeld dat kranten direct naar voren brengen wanneer er sprake is van incidenten in de wijk? En hoe kun je dat negatieve beeld ombuigen en ervoor zorgen dat er niet alleen een focus ligt op ‘slecht’ nieuws?’, vraagt een deelneemster aan de workshop Uitdragen van een realistisch beeld van de wijk .  ‘Eigenlijk niet door het tegen te gaan’ beantwoordt een andere deelneemster ‘Door het tegen te gaan bevestig je alleen het negatieve beeld’.

Uiteindelijk wordt tijdens de workshop duidelijk dat een realistisch beeld van de wijk ook kan bestaan uit negatieve elementen, maar dat deze afgewisseld dienen te worden met de positieve. Of liever gezegd andersom. Daarbij is het van belang dat bewoners in de wijken zelf aan het woord komen en ook zelf geloven in de eigen wijk. Zij maken immers deel uit van die buurtrealiteit, en kunnen de ervaringen die zij hebben het beste verwoorden. Dit alles dan wel vanuit een nieuw persectief. ‘Als je aan framing doet, een nieuwe invalshoek kiest, dan gaat het goed’, is het advies.

Om voor die nieuwe en andere invalshoek te kunnen kiezen, heb je wel kennis nodig....mediawijsheid. Dit betoogt Mark van Rijn. Die mediawijsheid hoeft niet te betekenen dat je een goeroe bent op dat gebied. ‘Ik heb geen duizenden volgers op Twitter, en geen duizenden vrienden op Facebook. Wat ik wel heb is kennis van wijken en van media. Dit combineer ik met elkaar’, vertelt van Rijn.

Zo zijn de mogelijkheden van nieuwe media lang niet bij iedereen goed bekend zijn. Niet iedereen weet dat je met een mobiel veel meer kunt dan bellen. Je kunt er ook filmpjes mee opnemen en foto’s  maken. Dit is basiskennis die mensen verder op weg kan helpen voor de inzet van media in de wijk. Van Rijn maakt door middel van workshops professionals in de wijk van de media-mogelijkheden bewust. En stoomt ze klaar voor de rol van wijkmedia-expert. 

Innerlijke kracht leidt tot bruisende initiatieven
Dat je met media initiatieven niet meteen iedere burger bereikt, geeft Orfee Melsen aan. Je moet verbindend praten, creatief zoeken en samenwerken met partners. Persoonlijke passie speelt hierbij altijd een rol vertelt Melsen. ‘Ik geloof in de kracht van binnen die verbindt.’ 

Een inhaker voor Marian van Ginneken uit Rotterdam. In het burgernetwerk van de wijk Alexander draait het geheel om passie en innerlijke kracht, om zo te komen tot bruisende  initiatieven. Met medeburgers uit de directe omgeving staat zij zowel online als offline in contact. Gezamenlijk vormen zij een centraal punt. ‘Mensen roepen altijd ‘er is hier niets te doen’, maar als je weet wat er allemaal te doen is bij ons in de directe omgeving, dan wordt je helemaal blind van alles wat er is.’ De inzet van social media is een belangrijk onderdeel van het burgernetwerk. Vooral om professionals te bereiken, die zich in de eigen vrije tijd inzetten.

Van Ginneken laat weten dat zij niet alleen is met haar netwerk. ‘Ik woon en werk vanuit de achtertuin, maar ik ben niet alleen. In het hele land zijn er communities. De netwerken zijn super informeel en super persoonlijk. Dat maakt ze juist duurzaam, omdat je binding hebt met elkaar.’

 

PLENAIRE PRESENTATIE
 

Het resultaat van subsidie laat zich niet binnen een dag meten
Tijdens de plenaire middagpresentatie komt Bert Mulder, Lector van de Haagse Hoge School aan het woord. Hij geeft aan dat digitale initiatieven op afstand niet het antwoord zijn op de vraag hoe je burgers kunt activeren. Het is juist belangrijk om in de wijk aanwezig te zijn.

 Bovendien wordt de sociale cohesie in de wijk bepaald door meer dan alleen media. Logisch, maar wel lastig, als je het effect van een wijkproject wilt meten. En als je met behulp van resultaten je, je moet verantwoorden aan subsidieverleners. Eveneens is tijd een moeilijke factor. Het opzetten van een succesvol wijkmediaproject laat zich vaak niet binnen een jaar meten. ‘Je hebt zes maanden nodig om een project op te zetten. Zes maanden om te produceren. Een jaar erna ben je klaar voor de wijk.’ Het succes van een project is dan ook pas na drie jaar meetbaar. Om subsidieverleners hierin tegemoet te komen, wordt een casuïstisch resultaat getoond, waarbij losse verhalen het projectresultaat bepalen.

Ik publiceer dus ik besta
Zoals Manshanden tijdens de inleiding aangaf, moet het succes van een project niet gericht zijn op de subsidieverlener, maar moet deze uitgaan van de burger. En dat kan ook. Enerzijds bieden media de burger zelf de mogelijkheid om te informeren, communiceren en te produceren. Tegelijkertijd en daarmee dragen media bij aan identiteitsbesef. Door bijvoorbeeld media op te zetten als burger, en te publiceren, wordt je gezien, erkend, en ga je uiteindelijk over tot een dialoog. Hiermee heb je precies die benodigde activatie te pakken. Het gereedschap om dit te bewerkstelligen is aanwezig. Maar juist van belang is datgene wat je ermee doet. ‘We moeten leren denken in de functionaliteit van ICT.’

WORKSHOPS RONDE TWEE

Educatieve projecten voor de laag geletterde burger
Media worden op verschillende manieren ingezet om de burger te activeren. Vaak heel praktisch, bijvoorbeeld als hulp tijdens de inburgering. ETV is hier een voorbeeld van. ETV biedt een palet aan multimediale oefen- en instructieprogramma’s met verschillende thematieken voor laag geletterden. Van gezondheid tot taal, rekenen, internet en nu ook de Olympische Spelen . ‘Juist bij laag geletterden is het zo dat zij vaak extra hulp nodig hebben. Daarom zoeken wij ook de samenwerking op met wijken, lokale organisaties en zijn wij vandaag hier’. Met het faciliteren op afstand ben je er niet alleen.

Tijdens de workshop worden meteen verbindingen gelegd. Een medewerker van SOA Aids Nederland is juist aanwezig om te kijken hoe gezondheidsinformatie verder gedeeld kan worden. Een win-win situatie, het Etv platform heeft 2,5 miljoen accounts, en daarmee een groot bereik.

Van leerlingen naar scholen tot hele wijken
Dat media ook in directe zin ingezet kunnen worden, laten de wijkmediaprojecten met scholen zien. Leerlingen maken actief gebruik van media, om eerst een beeld te krijgen en geven van wie zij zijn. En nemen vervolgens de directe leefomgeving, de wijk daarin mee. Door de wijkmediaprojecten krijgen leerlingen diverse skills die ze verder op weg helpen in de toekomst. Denk aan presentatie- en interviewvaardigheden. Daarnaast dragen de projecten bij aan een positieve beeldvorming rondom de wijken zelf.

De inzet van media hoeft natuurlijk niet alleen tot leerlingen beperkt te blijven. Een hele buurt kan hierbij betrokken zijn. In Overvecht zijn multimedia initiatieven opgezet om de buurtbewoners te activeren. De wijkmedia regisseur Orfee Melsen heeft aan het roer gestaan van het project. Ook zij geeft aan dat fysieke aanwezigheid in de wijk van belang is. ‘Een website opzetten is het niet alleen, je moet een wijkmediapunt hebben.’ Door de media inzet vanuit de wijk zelf, krijgen bewoners een stem en daarmee ook een gezicht.  Toch blijft ook het offline aspect belangrijk geeft Melsen aan. ‘Mensen worden meer gedreven door een fysieke ontmoeting dan door alleen te chatten.’

Een kritische toeschouwer vraagt zich af of het nuttig is als wijkwerker nu zo bezig te zijn met social media. ‘Ik sta op straat, op het plein en werk met basisschoolleerlingen. Ik heb geen Facebook account en ook geen Twitter. Mensen kennen mij gewoon vanuit de wijk en spreken me dan aan.’ Een andere professional in de zaal geeft aan juist wel social media te gebruiken. ‘Ik stuur de jongens altijd de politie berichten door die ik binnen krijg. Dat helpt met de binding die ik met ze heb. Het versterkt de onderlinge vertrouwensband.’ Dat de politie ervan op de hoogte is dat hij de berichten doorzet, voegt hij er nog snel aan toe.


WORKSHOPS RONDE DRIE

Ogen zijn de spiegel van de ziel
‘De schoonheid van de ogen gaat verder, het gaat niet alleen om de kleur en de vorm’. Een mooie metafoor om te laten zien, dat niet alles is wat het lijkt. En dat er achter gesloten deuren soms veel verhalen verscholen liggen. In Amersfoort, de wijk De Koppel, fotografeerde Hassan Elammouri de ogen, of ook wel de ‘gekruiste’ blikken van buurtbewoners.

Dit ging niet over één nacht ijs. Vooral toegang krijgen tot de mensen was een lang proces van investeren. Vanwege zijn samenwerking met woningbouwcorporatie Alliantie, werd Elammouri  vaak gezien als de boosdoener, het verlengstuk van de corporatie. Na lange gesprekken, het aangaan van een echte vertrouwensband, kon Elammouri toch aan de slag.

Het resultaat: Bewoners van de complexen Voerman en Meridiaan hebben hun ogen laten fotograferen. Deze ogen sieren de balkonrekken en geven de wijk een zicht op diversiteit. De foto’s werden ook geëxposeerd in het kader van het project ‘Amersfoort de Spiegel van Nederland’.  En maken deel uit van een breder project met een documentaire.

Gedeelde verhalen overbruggen het verschil in leeftijd
Diversiteit in de wijk heeft niet alleen maar te maken met verschillende etnische achtergronden. Ook leeftijd speelt een rol. Verschillende intergenerationele projecten zijn opgezet om de afstand tussen jong en oud te verkleinen. Die afstand wordt verkleind door onder andere dialoog.

Zoals bij het project Échte Schoonheid, waarbij oudere dames en jonge meiden samen radioshows maakten over schoonheid.  Maar ook door een gesprek te voeren over gedeelde overeenkomsten in persoonlijke geschiedenissen. Leila Prnjavorac: ‘Ik vertelde de ouderen ‘ik kom uit Bosnië en heb ook een oorlog meegemaakt’. Dan vallen die zestig jaar aan verschil meteen weg. En kom je erachter dat je raakvlakken hebt. Er is dan geen verschil meer.’

Ook worden leeftijdsverschillen verkleind door niet alleen ouderen te interviewen, maar andersom ook de ouderen jongeren te laten interviewen. Om elkaars belevingswereld beter te leren kennen. Dit deden jongeren en ouderen in Utrecht Overvecht. Zij gingen met elkaar in gesprek over onder andere hangplekken, telefoons en kleding.

Hoe kom je dan aan deelnemers? Een deelnemer aan het project vertelt: ‘Bij toeval, tijdens een voorstelling bij Stefanus kwam ik erachter dat er een mediaproject was. En ik was wel benieuwd naar wat het voorstelt om bij elkaar te komen. Jongeren en ouderen en mensen met verschillende nationaliteiten. In de wijk was het nooit gelukt om alle groepen bij elkaar te krijgen. Maar nu wel.’

Een internationale setting
Tijdens de laatste sessie is er ook een internationale workshop, met deelnemers uit Italië en Polen van het Mediaguide project. Gezamenlijk combineren zij foto’s en locaties uit de wijk Overvecht, en plaatsen een persoonlijk verhaal bij die plaatsen. Zo onstaat een bord met unieke persoonlijke verhalen en belevenissen.

Wired up
In het Stut theater is de presentatie van het project ‘Wired up’ van de Universiteit van Utrecht. Hoe vormen sociale media de sociale netwerken? Is dat voor migranten jongeren anders dan voor Nederlandse jongeren? Wat zijn de mogelijkheden tot het vormen van verbindingen op diverse geografische niveaus?

De Universiteit van Utrecht doet onderzoek om een antwoord te geven op deze vragen. Als het gaat om verbindingen tussen jongeren in de wijk, blijkt uit het onderzoek dat sociale media daar niet direct een bijdrage aan leveren.

Dit betekent natuurlijk niet dat de inzet van sociale media in de wijk niet effectief kan zijn als het om jongeren gaat. Het gaat alleen niet automatisch. Die verbindingen moet je relevant maken en creëren. De presentaties die tijdens de workshops zijn gegeven, laten dit eigenlijk allemaal zien. Je moet investeren in relaties, de tijd ervoor nemen, doelgericht werken, en vooral vanuit de wijk zelf. Breng de offline wereld online, en andersom. Verbind deze en daarmee mensen onderling. Dat versterkt de cohesie in de wijk.
 

Afsluiting

Na de laatste workshopsessie is er een korte afsluiting van Ed Klute, directeur van Mira Media: ‘Wat een verschil tussen twee jaar geleden en nu. Toen was het meer uitleggen wat je kunt doen met social media. Nu werken veel mensen er al mee, dat laten de tweets vandaag ook zien. Men komt nu om ideeën op te doen.’ En Klute heeft gelijk. Voor veel professionals is het bekend dat (social) media een belangrijke rol spelen in veel (jonge) levens. Die rol zal alleen maar toenemen. Als professional ben je dus gedwongen media een plaats te geven en actief in te zetten.  De vijftien workshops hebben een tipje van de sluier gelicht over hoe je hierin succesvol kunt zijn. En hoe (nieuwe) media een waardevolle bijdrage leveren aan cohesie in de wijk. Een hype kun je de inzet van media in de wijk dan ook niet noemen. Eerder een voor de toekomst onmisbaar gegeven.

Voor de borrel, is er nog een spetterend optreden van Kno’Ledge Cesare. In Amsterdam Zuid Oost is hij actief. Hij richtte zijn eigen politieke partij op in het stadsdeel, organiseerde samen met vrienden de actie ‘Zwarte piet is racisme’ en organiseert jaarlijks op 3 mei de Dag Van Empathie. Het doel van het evenement is om meer begrip te creëren voor de (culturele en etnische) verschillen in de Nederlandse samenleving.  In datzelfde licht draagt Kno’Ledge Cesare twee gedichten voor ter afsluiting van een inspirerende conferentie Media4Me. Onder luid applaus worden zijn gedichten omarmd en de dag afgesloten.